Deze tekst is een bewerkte versie van de informatie die op Wikipedia staat
Waterpolo ontstond als de 'watervariant' van handbal of rugby. Het is een sport die, niet alleen in Nederland, maar vooral in Zuid- en in Oost-Europa grote populariteit geniet. Waterpolo is een teambalsport die zwemmend wordt uitgeoefend. De bedoeling is om (net als bij voetbal en veel andere balsporten) een bal zo vaak mogelijk in het doel van de tegenpartij te werpen.
Wilt u meer weten van het waterpolo bij EZ&PC, volg dan deze link
Teams
Een team bestaat uit zes veldspelers en een keeper. Bij de jeugd kennen we ook het minipolo. Hier bestaan de teams uit vijf tegen vijf (met vier veldspelers en een keeper).
De spelers dragen een cap; wit voor het thuisspelende team en blauw voor het uitspelende team. Keepers hebben een rode cap. Alle spelers hebben oorbeschermers aan hun cap. De oorbeschermers zijn belangrijk: deze moeten de oren beschermen tegen grote druk van buiten als een bal hard tegen de oren wordt gegooid. Spelers hebben tegenwoordig ook vaak een gebitsbeschermer, een toque en een tweede zwembroek of badpak aan. Er zijn ook speciale waterpolo zwembroeken en badpakken, die zijn dubbel zo dik als gewone zwemkleding.
Wedstrijd
Een wedstrijd is verdeeld in vier periodes (partjes), die afhankelijk van de leeftijd van de spelers, het competitieniveau en het land, 3 tot 8 zuivere minuten duren. Dit betekent dat bij iedere overtreding of doelpunt de tijdmeting wordt stilgelegd.
De scheidsrechter(s) zwemmen zelf niet mee, maar staan aan de lange zijde van het speelveld, buiten het water. In de meeste competitiewedstrijden wordt gebruikgemaakt van de 30 seconden regel. Dit houdt in dat er binnen 30 seconden een schot op het doel moet zijn geweest, anders gaat de bal naar de tegenpartij. Dit wordt aan de jurytafel bijgehouden. Als na een schot op het doel de bal weer in het bezit komt van dezelfde (aanvallende) partij, wordt de klok weer op 30 seconden gezet. Meestal hangt die 30 seconden klok aan beide zijden van het bad en loopt van 30 terug naar 0. Deze regel is ingevoerd om het waterpolospel aantrekkelijker te maken.
In de laatste periode wordt er door middel van een signaal aangegeven dat er nog één minuut te spelen is. Na 2 periodes wisselen de teams van speelhelft. Een verlenging heeft 2 periodes. Een periode in de verlenging duurt altijd 3 minuten zuivere speeltijd. Er is alleen een verlenging bij wedstrijden waar een winnaar uit moet komen, bijvoorbeeld een bekerwedstrijd. Als er na de verlenging nog geen winnaar is worden er strafworpen genomen of er wordt verder gespeeld tot één van de partijen een goal maakt, dit is dan de winnaar.
Speelveld
Het speelveld is maximaal 20 meter breed en 30 meter lang bij heren, bij dames is de maximale lengte 25 meter. Is het bad waarin gespeeld wordt groter, dan wordt het speelveld afgebakend door drijvende lijnen. Bij kleinere baden wordt dispensatie verleend op de afmetingen van het speelveld.
De minimale grootte van het veld is 10 meter breed en 20 meter lang.Het speelveld is maximaal 20 meter breed en 30 meter lang bij heren, bij dames is de maximale lengte 25 meter. Is het bad waarin gespeeld wordt groter, dan wordt het speelveld afgebakend door drijvende lijnen. Bij kleinere baden wordt dispensatie verleend op de afmetingen van het speelveld. De minimale grootte van het veld is 10 meter breed en 20 meter lang.
De minimale diepte van het bad is 1,80 meter. Wanneer dit maar net gehaald wordt en wat grotere spelers dus op de bodem kunnen staan, dan is dit alleen toegestaan wanneer de betreffende speler de bal niet in zijn bezit heeft. Zodra een speler de bal krijgt móet hij zwemmen. Blijft hij toch staan, of zet hij zich af van de bodem, dan wordt dit bestraft met een vrije worp voor de tegenpartij.
De bal
De sport wordt beoefend met een speciale bal. De bal die gebruikt wordt door herenteams is ongeveer even groot als een voetbal en heeft een gewicht van 400 à 450 gram. De bal die gebruikt wordt bij dames- en jeugdteams is iets kleiner en iets lichter. Een belangrijk kenmerk van de bal is dat hij veel grip heeft, zodat je hem ondanks zijn grootte toch met één hand kunt vasthouden. Als de bal vaak gebruikt wordt verliest hij zijn grip, en moet hij vervangen worden. 
