U bent hier: EZ&PC » EZ&PC » Bestuur » Statuten

Vastgesteld op: 15-3-1995

Tekstuele correctie op: 15-3-1995

 Download statuten via deze link

STATUTEN VAN DE ELSTER ZWEM- EN POLO CLUB TE ELST

 

NAAM EN ZETEL 

Artikel 1 

  1. De vereniging draagt de naam: "Elster Zwem- en Poloclub", afgekort als E.Z. en P.C., en is gevestigd te Elst (Gelderland).
  2. De vereniging is opgericht op een en twintig september negentienhonderd en vijftig en is aangegaan voor onbepaalde tijd.

DOEL EN MIDDELEN

Artikel 2

De vereniging heeft tot doel de zwemsport in de ruimste zin te beoefenen en te bevorderen en daarbij gunstig in te werken op het karakter en de gezondheid van de bij haar aangesloten leden en de aspiranten.

  1. De vereniging tracht dit doel te bereiken door:
    1. het scheppen van gelegenheid tot het onder bekwame leiding beoefenen van de zwemsport;
    2. het ter beschikking krijgen en stellen van daarvoor geschikte accommodaties;
    3. het organiseren en uitschrijven van en het deelnemen aan geschikte wedstrijden en evenementen;
    4. het samenwerken met daarvoor in aanmerking komende verenigingen en plaatselijke, regionale, nationale en internationale organisaties en instanties, voor zover deze samenwerking strekt tot bevordering van het doel alsmede het verwerven en daarna behouden van het lidmaatschap van de Koninklijke Nederlandse Zwembond gevestigd te Nieuwegein onder erkenning van de Koninklijke Nederlandse Zwembond als enig besturend en controlerend lichaam op zwemgebied in Nederland;
    5. het opleiden van of het deelnemen aan opleidingen van en voor vrijwillig kader voor zover dit in het belang is van het bevorderen van het doel;
    6. het bevorderen van sociaal-maatschappelijke contacten tussen de bij haar aangesloten leden en de aspiranten;
    7. het aanwenden van alle andere wettige middelen, die bevorderlijk kunnen  zijn voor het doel.
  2. De vereniging zal zich in haar streven houden aan de voorschriften gegeven in de statuten en de reglementen van de Koninklijke Nederlandse Zwembond.
  3. De vereniging is tevens aangesloten bij de Kring Gelderland van de Koninklijke Nederlandse Zwembond. Hetgeen in de artikelen 7 en 8 wordt gesteld ten aanzien van de Koninklijke Nederlandse Zwembond geldt tevens voor de Kring Gelderland van de Koninklijke Nederlandse Zwembond.

RICHTING

Artikel 3

 

  1. Organen van de vereniging zijn het bestuur, de algemene vergadering, alsmede alle overige personen en commissies, die krachtens de statuten door de algemene vergadering belast zijn met een nader omschreven taak en aan wie daarbij door de algemene vergadering beslissingsbevoegdheid is toegekend.
  2. De organen van de vereniging, bedoeld in lid 1, hebben geen rechtspersoonlijkheid.

LEDEN

Artikel 4

 

  1. De vereniging kent:
    1. leden;
    2. aspiranten;
    3. ereleden en leden van verdienste;
    4. donateurs.
  2. Leden van de vereniging zijn natuurlijke personen, die de veertienjarige leeftijd  hebben bereikt, op een bij huishoudelijk reglement vast te stellen wijze het  lidmaatschap hebben aangevraagd vergezeld van een schriftelijke toestemming van hun wettelijke vertegenwoordiger, indien zij de leeftijd van achttien jaar nog niet  hebben bereikt, en als zodanig door het bestuur zijn toegelaten. Zij kunnen bij huishoudelijk reglement in categorieën worden ingedeeld.
  3. Aspiranten van de vereniging zijn natuurlijke personen, die de veertienjarige leeftijd nog niet hebben bereikt, op een bij huishoudelijk reglement vast te stellen wijze het aspirant schap hebben aangevraagd vergezeld van een schriftelijke toestemming van hun wettelijke vertegenwoordiger, en als zodanig door het bestuur zijn toegelaten. Zodra een aspirant de leeftijd van veertien jaren bereikt wordt hij lid van de vereniging zonder dat zulks enigerlei handeling van de vereniging of de aspirant vergt. Zij kunnen bij huishoudelijk reglement in categorieën worden ingedeeld.
  4. Ereleden zijn natuurlijke personen, die wegens hun buitengewone verdiensten voor de vereniging op voordracht van het bestuur als zodanig zijn benoemd door de algemene ledenvergadering. Deze benoeming geschiedt met tenminste drievierde der geldig uitgebrachte stemmen. Ereleden hebben alle rechten van de leden. Zij zijn vrijgesteld van de jaarlijkse bijdrage.
  5. Leden van verdienste zijn leden, die wegens hun verdiensten voor de vereniging, als zodanig door de algemene ledenvergadering zijn benoemd. Deze benoeming geschiedt met tenminste drievierde van de geldig uitgebrachte stemmen.
  6. Donateurs zijn natuurlijke personen of rechtspersonen, die door het bestuur als zodanig zijn toegelaten en die zich jegens de vereniging hebben verplicht jaarlijks een financiële bijdrage aan de vereniging te storten, waarvan de minimum hoogte jaarlijks door de algemene ledenvergadering wordt vastgesteld.
  7. Het bestuur van de vereniging houdt een register bij waarin alle namen en adressen van de in het eerste lid van dit artikel bedoelde personen zijn opgenomen.
  8. Bij niet-toelating tot lid of aspirant door het bestuur van de vereniging deelt het bestuur dit schriftelijk aan de aanvrager mede onder vermelding van de redenen. De betrokken aanvrager kan van deze beslissing in beroep gaan bij de algemene ledenvergadering. Het bestuur is gehouden bij haar schriftelijke mededeling de kandidaat op de hoogte te stellen van deze mogelijkheid en de daarbij te volgen procedure, die in het huishoudelijk reglement nader wordt vastgelegd.
  9. Personen die door de Koninklijke Nederlandse Zwembond of de Kring levenslang zijn uitgesloten van het recht tot het deelnemen aan enige activiteit danwel van het recht functies in de Koninklijke Nederlandse Zwembond te bekleden, kunnen niet als lid van de vereniging worden toegelaten.

RECHTEN VAN DE LEDEN EN ASPIRANTEN

Artikel 5

 

  1. De leden, voorzover zij niet door schorsing zijn uitgesloten, zijn gerechtigd:
    1. aan alle evenementen deel te nemen, die door of vanwege de vereniging voor hen worden georganiseerd, tenzij het bestuur voor een bepaald evenement beperkende bepalingen heeft vastgesteld;
    2. op de vergaderingen van de algemene ledenvergadering het woord te voeren, voorstellen in te dienen, die geen betrekking hebben op de statuten of reglementen, en de voorstellen, die ter vergadering worden behandeld te amenderen;
    3. op de vergadering van de algemene ledenvergadering het stemrecht uit te oefenen;
    4. voorstellen tot wijziging van deze statuten in te dienen op een nader in deze statuten te omschrijven wijze;
    5. het opmaken van een voordracht tot benoeming van bestuursleden conform artikel 12.
  2. De aspiranten zijn, voorzover zij niet door schorsing zijn uitgesloten, gerechtigd deel te nemen aan alle evenementen, die door of vanwege de vereniging voor hen worden georganiseerd, tenzij het bestuur voor een bepaald evenement beperkende bepalingen heeft vastgesteld.

 

AANVANG VAN HET LIDMAATSCHAP, ASPIRANTSCHAP, ERELIDMAATMAATSCHAP, LIDMAATSCHAP VAN VERDIENSTE, OF DONATEURSCHAP.

Artikel 6

 

  1. Het lidmaatschap, aspirantschap en donateurschap vangen aan bij de inschrijving als zodanig door of vanwege het bestuur van de vereniging.
  2. Het erelidmaatschap en het lidmaatschap van verdienste vangen aan op het moment van de benoeming als zodanig door de algemene ledenvergadering.

 

VERPLICHTINGEN VAN DE LEDEN EN ASPIRANTEN

Artikel 7

 

  1. De leden zijn verplicht:
    1. de statuten en reglementen van de vereniging, de besluiten van de algemene ledenvergadering alsmede de door het bestuur van de vereniging krachtens de statuten of reglementen vastgestelde regels na te leven en de rechtsmacht van de daarin vermelde organen te erkennen;
    2. de belangen van de vereniging en van haar organen, die van de Koninklijke Nederlandse Zwembond en haar organen en die van de zwemsport in het algemeen niet te schaden;
    3. alle overige verplichtingen, die de vereniging in naam van haar leden aangaat of die voortvloeien uit het lidmaatschap van de vereniging, na te komen; 
    4. per verenigingsjaar een jaarlijkse bijdrage aan de vereniging te betalen, waarvan de hoogte door de algemene ledenvergadering jaarlijks wordt vastgesteld. Het bestuur is gerechtigd in bijzondere, door haar te beoordelen gevallen, gehele of gedeeltelijke vrijstelling van het betalen van deze jaarlijkse bijdrage te verlenen.
  2. Behoudens de in deze statuten en de nader in afzonderlijke reglementen vast te leggen verplichtingen, kunnen aan de leden slechts na voorafgaande toestemming van de algemene ledenvergadering verplichtingen worden opgelegd.
  3. De aspiranten zijn verplicht:
    1. de statuten en reglementen van de vereniging, de besluiten van de algemene ledenvergadering alsmede de door het bestuur van de vereniging krachtens de statuten of reglementen vastgestelde regels na te leven en de rechtsmacht van de daarin vermelde organen te erkennen;
    2. de belangen van de vereniging en van haar organen, die van de Koninklijke Nederlandse Zwembond en haar organen en die van de zwemsport in het  algemeen niet te schaden;
    3. een jaarlijkse bijdrage aan de vereniging te betalen, waarvan de hoogte jaarlijks door de algemene ledenvergadering wordt vastgesteld. Het bestuur is gerechtigd in bijzondere, door haar te beoordelen gevallen, gehele of gedeeltelijke vrijstelling van het betalen van deze jaarlijkse bijdrage te verlenen.
  4. De leden, de bij de vereniging aangesloten aspiranten en andere aangeslotenen, onderwerpen zich door de aanvaarding van hun lidmaatschap respectievelijk aspirantschap respectievelijk functie, tegenover de Koninklijke Nederlandse Zwembond aan dezelfde verplichtingen, waaraan de vereniging als lid van de Koninklijke Nederlandse Zwembond is of zal zijn onderworpen. Daaronder zijn mitsdien begrepen:  
  •  
    • de verplichting de statuten en reglementen van de Koninklijke Nederlandse Zwembond en de besluiten van de organen na te leven;
    • alle overige verplichtingen te aanvaarden, welke uit het lidmaatschap van de vereniging als lid van de Koninklijke Nederlandse Zwembond en lid van de kring Gelderland voortvloeien of welke de Koninklijke Nederlandse Zwembond in naam van zijn leden aangaat;
    • zich te onderwerpen aan de tuchtrechtspraak, de disciplinaire rechtspraak, de arbitraire rechtspraak en de administratieve rechtspraak, zoals vastgelegd en nader geregeld in de daarop betrekking hebbende reglementen van de Koninklijke Nederlandse Zwembond;

Voor wat de door de Koninklijke Nederlandse Zwembond en/of de Kring Gelderland in naam van zijn leden aangegane verplichtingen betreft is het voorgaande slechts van toepassing voor zover deze verplichtingen betrekking hebben op de leden van de vereniging. Onder andere aangeslotenen worden in dit artikel mede verstaan zij, die op enigerlei wijze min of meer regelmatig van de diensten van de vereniging gebruik maken. De vereniging is bevoegd om in naam van haar leden tegenover de Koninklijke Nederlandse Zwembond de verplichtingen aan te gaan, als in dit lid  omschreven.

 

EINDE VAN HET LIDMAATSCHAP, ASPIRANTSCHAP, DONATEURSCHAP

Artikel 8

  1.  Het lidmaatschap van de vereniging eindigt door:
    1. overlijden van het lid;
    2. opzegging door het lid, vergezeld van een schriftelijke toestemming van zijn  wettelijke vertegenwoordiger, indien hij de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt;
    3. opzegging door de vereniging;
    4. ontzetting uit het lidmaatschap.
  2.  
    1. Opzegging van het lidmaatschap door de vereniging geschiedt door het bestuur van de vereniging. Dit kan geschieden wanneer het lid heeft opgehouden te voldoen aan de vereisten voor het lidmaatschap bij of krachtens deze statuten gesteld, wanneer hij zijn verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt, alsook wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.
    2. Van een besluit tot opzegging van het lidmaatschap door de vereniging op grond dat redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren, staat de betrokkene binnen een maand na ontvangst van de kennisgeving van het besluit, beroep open op de algemene ledenvergadering. Hij wordt daartoe ten spoedigste door het bestuur in kennis gesteld van het besluit met opgave van redenen. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst.
  3. Opzegging van het lidmaatschap door het lid of door de vereniging kan slechts geschieden tegen het einde van het verenigingsjaar en met inachtneming van een opzegtermijn van ten minste twee maanden. Het lidmaatschap kan echter onmiddellijk worden beëindigd indien van het lid of de vereniging redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren. Een opzegging in strijd met het bepaalde doet het lidmaatschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip volgend op de datum waartegen is opgezegd.
  4. Een lid is niet bevoegd door opzegging van het lidmaatschap een besluit van de algemene ledenvergadering, waarbij de financiële verplichtingen van de leden zijn verzwaard, te zijnen opzichte uit te sluiten.  
  5.  Ontzetting uit het lidmaatschap geschiedt door het bestuur van de vereniging. Dit kan alleen geschieden wanneer een lid handelt in strijd met de statuten, de reglementen van de vereniging of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt. Van het besluit tot ontzetting uit het lidmaatschap staat de betrokkene binnen een maand na ontvangst van de kennisgeving van het besluit beroep open op de algemene ledenvergadering. Het lid wordt daartoe ten spoedigste door het bestuur met opgave van redenen van het besluit in kennis gesteld. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst. 
  6.  Behalve in geval van overlijden wordt een lid, dat heeft opgezegd, geacht nog lid te zijn, zolang het niet heeft voldaan aan zijn geldelijke verplichtingen ten opzichte van de vereniging of zolang enige aangelegenheid, waarbij het lid betrokken is niet is afgewikkeld, de tenuitvoerlegging van een opgelegde straf daarin begrepen. Gedurende deze periode kan de betrokkene geen rechten uitoefenen.

 Artikel 9

 

  1. Het aspirantschap eindigt door:
    1. overlijden van de aspirant;
    2. door opzegging door de aspirant, vergezeld van een schriftelijke toestemming van de wettelijke vertegenwoordiger van de aspirant;
    3. door opzegging door de vereniging.
  2.  
    1. Opzegging van het aspirantschap door de vereniging geschiedt door het bestuur van de vereniging. Dit kan geschieden wanneer de aspirant heeft opgehouden te voldoen aan de vereisten voor het aspirantschap bij of krachtens deze statuten gesteld, wanneer hij zijn verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt, alsook wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het aspirantschap te laten voortduren. Deze opzegging zal door het bestuur ten spoedigste schriftelijk ter kennis worden gebracht van betrokkene en zijn wettelijke vertegenwoordiger.
    2. Van een besluit tot opzegging van het aspirantschap door de vereniging op grond, dat redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het aspirantschap te laten voortduren, staat de betrokkene binnen een maand na ontvangst van de kennisgeving van het besluit beroep open op de algemene vergadering. Hij wordt daartoe ten spoedigste door het bestuur in kennis gesteld van het besluit met opgave van redenen. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is de aspirant geschorst.
  3. Opzegging van het aspirantschap door de aspirant of door de vereniging kan slechts geschieden met inachtneming van een opzegtermijn van ten minste twee maanden. Het aspirantschap kan echter onmiddellijk worden beëindigd indien van de aspirant of de vereniging redelijkerwijs niet gevergd kan worden het aspirantschap te laten voortduren. Een opzegging in strijd met het bepaalde doet het aspirantschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip volgend op de datum waartegen is opgezegd.

 

Artikel 10

Het donateurschap kan te allen tijde door opzegging worden beëindigd, behoudens dat de jaarlijkse bijdrage voor het lopende verenigingsjaar voor het geheel verschuldigd blijft. Opzegging namens de vereniging geschiedt door het bestuur.

ALGEMENE INRICHTING

Artikel 11

 

  1. De vereniging wordt geleid door het bestuur van de vereniging, in deze statuten en de reglementen van de vereniging aangeduid als het bestuur.
  2. Het bestuur kan zich laten bijstaan door commissies, waaraan zij onder haar verantwoordelijkheid een deel van haar taken en bevoegdheden kan overdragen. De commissies worden door het bestuur benoemd en ontslagen.
  3. De vereniging kent een financiële commissie, die op voordracht van leden door de algemene ledenvergadering wordt benoemd. Taken en bevoegdheden van de financiële commissie worden in artikel 16 nader bepaald.

HET BESTUUR

Artikel 12

  1. Het bestuur bestaat uit ten minste vijf personen, die de meerderjarige leeftijd hebben bereikt en door de algemene ledenvergadering als zodanig zijn benoemd.
  2. Het bestuur kent:
    1. een voorzitter;
    2. een secretaris;
    3. een penningmeester;
    4. bestuursleden, waarvan een lid door het bestuur wordt aangewezen als plaatsvervangend voorzitter.
  3. De benoeming van bestuursleden geschiedt uit een of meer bindende voordrachten, met inachtneming van het bepaalde in het volgende lid van dit artikel. De voorzitter, de secretaris en de penningmeester worden in functie voorgedragen en benoemd. Tot het opmaken van zulk een voordracht zijn zowel het bestuur als tien leden gezamenlijk gerechtigd. De voordracht van het bestuur wordt bij de oproeping voor de vergadering medegedeeld. Een voordracht door tien of meer leden moet vijf dagen voor de datum van de vergadering van algemene ledenvergadering schriftelijk bij het bestuur zijn ingediend.
  4. Aan elke voordracht kan het bindende karakter worden ontnomen door een met tenminste tweederde der geldig uitgebrachte stemmen genomen besluit van de algemene ledenvergadering.
  5. Is geen voordracht opgemaakt of besluit de algemene ledenvergadering overeenkomstig het voorgaande lid van dit artikel opgemaakte voordrachten het bindende karakter te ontnemen, dan is de vergadering vrij in haar keuze.
  6. Indien er meer dan een voordracht is, geschiedt de benoeming uit die voordrachten.

BESTUURSFUNCTIES - BESLUITVORMING

Artikel 13 

  1. Behoudens het bepaalde in artikel 12, leden 2 sub a tot en met c, en lid 3 verdeelt het bestuur de taken en functies binnen het bestuur. Het bestuur kan voor elke functie uit zijn midden een plaatsvervanger aanwijzen. Een bestuurslid kan meer dan een functie bekleden.
  2. De bestuursvergaderingen worden geleid door de voorzitter van de vereniging of zijn plaatsvervanger. Ontbreken voorzitter en plaatsvervanger, dan treedt een der bestuursleden, door het bestuur aan te wijzen, als voorzitter op.
  3. Van het verhandelde in elke vergadering van het bestuur worden door de secretaris notulen opgemaakt, die, na op de volgende vergadering te zijn goedgekeurd, door de voorzitter en de secretaris worden vastgesteld en getekend. Het oordeel van de voorzitter omtrent de totstandkoming van een besluit en de inhoud daarvan in vergaderingen van het bestuur is niet beslissend.
  4. Bij huishoudelijk reglement kunnen nadere regels aangaande vergaderingen, taakverdelingen en besluitvorming door het bestuur worden geregeld.

BESTUURSTAAK - BESTUURSVERTEGENWOORDIGING

Artikel 14

  1. Behoudens de beperkingen volgens deze statuten is het bestuur belast met het besturen van de vereniging.

  2. Indien het aantal bestuursleden beneden de vijf is gedaald blijft het bestuur bevoegd. Het is echter verplicht zo spoedig mogelijk een algemene ledenvergadering uit te schrijven, waarin voorziening van de open plaatsen aan de orde komt.

  3. Het bestuur is, mits met toestemming van de algemene ledenvergadering, bevoegd tot het sluiten van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen, het sluiten van overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt, of zich tot zekerstelling voor een schuld van een derde verbindt. De voorwaarde dat er toestemming door de algemene vergadering moet worden verleend, kan slechts door de vereniging worden ingeroepen.

  4. Het bestuur behoeft eveneens toestemming van de algemene ledenvergadering voor besluiten tot:

    •  het aangaan van rechtshandelingen en het verrichten van investeringen, waarmee een bedrag van meer dan vijftigduizend gulden (f 50.000,-) gemoeid is; 

      1. het huren, verhuren en op andere wijze in gebruik of genot verkrijgen van onroerende goederen;

      2.  het aangaan van overeenkomsten, waarbij aan de vereniging een bankkrediet wordt verstrekt;

      3.  het te leen verstrekken, alsmede het te leen opnemen van gelden, waaronder niet begrepen het uitzetten van gelden bij banken of het gebruikmaken van een aan de vereniging verleend bankkrediet;

      4.  het aangaan van dadingen;

      5.  het optreden in rechte, waaronder het voeren van arbitrale procedures, doch met uitzondering van het nemen van conservatoire maatregelen en van het nemen van rechtsmaatregelen, die geen uitstel kunnen lijden; 

      6.  het sluiten en wijzigen van arbeidsovereenkomsten

 De voorwaarde dat er toestemming door de algemene vergadering moet worden verleend, kan slechts door de vereniging worden ingeroepen

5.     Onverminderd het in de laatste volzin van lid 4 bepaalde, wordt de vereniging in en buiten rechte vertegenwoordigd door: 

  •  
    • het bestuur;
    • de voorzitter en secretaris gezamenlijk; bij ontstentenis van een of beiden treden zijn/hun plaatsvervangers namens hem/hen op.

EINDE BESTUURSLIDMAATSCHAP - PERIODIEK BESTUURSLIDMAATSCHAP -  SCHORSING - ONTHEFFING

 Artikel 15

 

  1. Elk bestuurslid, ook wanneer hij voor een bepaalde tijd is benoemd, kan te allen tijde door de algemene ledenvergadering uit zijn functie worden ontheven of geschorst. Een schorsing, die niet binnen drie maanden wordt gevolgd door een ontheffing, eindigt door het verloop van die termijn.
  2. Een besluit tot ontheffing of schorsing van een bestuurslid uit zijn functie kan alleen door de algemene ledenvergadering worden genomen in een vergadering waarin tenminste de helft van de stemgerechtigde leden tijdens de stemming aanwezig is, met ten minste tweederde van de uitgebrachte geldige stemmen.
  3. Ieder bestuurslid treedt uiterlijk drie jaren na zijn benoeming af, met dien verstande dat de voorzitter aftreedt in de jaren waarin het jaartal door drie deelbaar is, de penningmeester in het daaropvolgende jaar en de secretaris in het jaar nadat de penningmeester aftreedt. De overige bestuursleden treden af volgens een door het bestuur op te maken rooster van aftreden. De aftredende is direct herkiesbaar. Wie tussentijds in een vacature wordt benoemd neemt op het rooster van aftreden de plaats in van zijn voorganger.
  4. Het bestuurslidmaatschap eindigt voorts door het bedanken van het bestuurslid.

VERANTWOORDINGSPLICHT VAN HET BESTUUR

Artikel 16

  1. Het verenigingsjaar loopt van een juli tot en met dertig juni. Het boekjaar valt samen met het kalenderjaar.
  2. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging zodanig aantekening te houden, dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend.
  3. Het bestuur brengt in de jaarvergadering zijn verslag uit en doet, onder overlegging van een staat van baten en lasten en een overzicht van de vermogenstoestand van de vereniging, rekening en verantwoording over zijn in het afgelopen jaar gevoerd beleid. Deze stukken worden ondertekend door de bestuurders; indien de ondertekening van één of meer bestuurders ontbreekt, wordt daarvan melding gemaakt onder opgave van redenen.
  4. De jaarvergadering benoemt uit de leden een financiële commissie van tenminste drie personen, die geen deel uitmaken van het bestuur. Deze commissie onderzoekt de rekening en verantwoording van het bestuur en brengt aan de jaarvergadering verslag uit van zijn bevindingen.
  5. Het bestuur is verplicht aan de commissie alle door haar gewenste inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te tonen en inzage te geven van de boeken en bescheiden van de vereniging.
  6. De last van de commissie kan te allen tijde door de algemene ledenvergadering worden herroepen, doch slechts door de benoeming van een andere commissie.
  7. Het bestuur is verplicht de bescheiden bedoeld in de leden 2 en 3 tien jaren lang te bewaren.

ALGEMENE LEDENVERGADERING

Artikel 17

  1. Vergaderingen van de algemene ledenvergadering kunnen worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit noodzakelijk acht. Jaarlijks uiterlijk zes maanden na afloop van het boekjaar wordt een vergadering van de algemene ledenvergadering gehouden, de Jaarvergadering. Na afloop van deze termijn  kan ieder lid de in artikel 16 lid 2 en 3 bedoelde rekening en verantwoording in rechte van het bestuur vorderen.
  2. Het bestuur is verplicht op schriftelijk verzoek van ten minste een zodanig aantal leden als bevoegd is tot het uitbrengen van eentiende gedeelte van het totaal aantal stemmen, tot het bijeenroepen van een algemene ledenvergadering, op een termijn van niet langer dan vier weken. Indien aan dit verzoek binnen veertien dagen geen gevolg is gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan door oproeping overeenkomstig het volgende lid van dit artikel of bij advertentie in ten minste een ter plaatse, waar de vereniging gevestigd is, veel gelezen krant.
  3. Het bestuur deelt de leden datum, plaats en tijdstip van de vergadering van de algemene ledenvergadering mee door middel van een mededeling in het officieel orgaan van de vereniging of door een aan de leden gericht schrijven.
  4. De oproeping voor een vergadering van de algemene ledenvergadering geschiedt ten minste twee weken voor de datum van de vergadering; de oproeping voor de jaarvergadering dient vier weken voor de jaarvergadering te geschieden onder gelijktijdige toezending van de begrotingsvoorstellen voor het dan lopende jaar.
  5. Toegang tot de algemene ledenvergadering hebben alle leden van de vereniging, behoudens de leden, die geschorst zijn. Over toelating van andere personen beslist het bestuur.
  6. In afwijking van het in lid 5 bepaalde heeft een geschorst lid toegang tot de vergadering waarin het besluit tot schorsing wordt behandeld en is bevoegd daarover het woord te voeren.
  7. Aan de algemene ledenvergadering komen in de vereniging alle rechten toe, die niet door de wet of deze statuten aan het bestuur zijn opgedragen.

JAARVERGADERING

Artikel 18

  1. In de jaarvergadering komen aan de orde:
    1. het jaarverslag en de rekening en verantwoording bedoeld in lid 3 van artikel 16;
    2. de benoeming van de in artikel 16 lid 4 bedoelde commissie voor het volgende verenigingsjaar;
    3. de begroting voor het lopend jaar;
    4. voorziening in eventuele vacatures;
    5. voorstellen van het bestuur of de leden aangekondigd bij de oproeping voor de vergadering.
  2. De stukken bedoeld onder lid 1 sub a van dit artikel, alsmede de voorstellen van het bestuur bedoeld in lid 1 sub d en e, worden door het bestuur uiterlijk twee weken voor de datum van de vergadering aan de leden toegezonden.

VOORZITTERSCHAP

Artikel 19

  1. De algemene ledenvergadering wordt geleid door de voorzitter van de vereniging of zijn plaatsvervanger. Ontbreken voorzitter en plaatsvervanger, dan treedt een der bestuursleden, door het bestuur aan te wijzen, als voorzitter op. Wordt ook op deze wijze niet in het voorzitterschap voorzien, dan voorziet de vergadering zelf daarin.
  2. Van het in elke vergadering behandelde worden door de secretaris of een ander door de voorzitter daartoe aangewezen persoon, notulen gemaakt, die, na door de eerstvolgende algemene ledenvergadering te zijn goedgekeurd, door de voorzitter en de secretaris worden vastgesteld en ondertekend. Zij die de vergadering bijeenroepen kunnen een notarieel proces-verbaal van het verhandelde doen opmaken. De inhoud van de notulen of het proces-verbaal wordt ter kennis van de leden gebracht.

BESLUITVORMING VAN DE ALGEMENE LEDENVERGADERING

Artikel 20 

  1. Alle leden, behoudens de leden die geschorst zijn, hebben toegang tot de algemene ledenvergadering en hebben daar ieder één stem. Ieder lid is bevoegd zijn stem te doen uitbrengen door een schriftelijk daartoe gemachtigd ander lid. Laatstbedoeld lid kan echter slechts namens één volmachtgever optreden, zodat hij, inclusief zijn eigen stem, maximaal twee stemmen zal kunnen uitbrengen.

  2. Het ter algemene ledenvergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter omtrent de uitslag van een stemming is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een besluit voorzover gestemd is over een niet schriftelijk voorstel.

  3. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van het in lid 1 bedoelde oordeel de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats wanneer de meerderheid van de vergadering, of, indien de oorspronkelijke stemming niet schriftelijk of hoofdelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen alle gevolgen van de vorige stemming.

  4. Voorzover de wet of de statuten niet anders bepalen, worden alle besluiten van de algemene ledenvergadering genomen met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.

  5. Blanco en niet geldig uitgebrachte stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.

  6. Indien bij een verkiezing van een persoon niemand de volstrekte meerderheid heeft verkregen, vindt een tweede stemming plaats, of, ingeval van een bindende voordracht een tweede stemming tussen de voorgedragen kandidaten. Heeft alsdan wederom niemand een volstrekte meerderheid verkregen, dan vinden herstemmingen plaats totdat een persoon de volstrekte meerderheid heeft verkregen, hetzij tussen twee personen is gestemd en de stemmen staken. Bij gemelde herstemmingen, waaronder niet begrepen de tweede stemming, wordt telkens gestemd op de personen waarop bij de voorgaande stemming is gestemd, behoudens dat de persoon op wie bij de vorige stemming het geringste aantal stemmen is uitgebracht, bij de volgende stemming niet meer zal worden betrokken. Is bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen op meer dan een persoon uitgebracht, dan beslist het lot wie afvalt. Ingeval bij een stemming tussen twee personen de stemmen staken, dan beslist het lot.

  7. Indien de stemmen staken over een voorstel niet betrekking hebbende op de verkiezing van personen, dan is het voorstel verworpen.

  8. Alle stemmingen niet handelende over personen geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming gewenst acht of één der stemgerechtigden zulks voor de aanvang van de stemming verlangt. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende briefjes. Besluitvorming bij acclamatie is mogelijk, tenzij een stemgerechtigde hoofdelijke stemming verlangt.

  9. Een eenstemmig besluit van alle leden, ook al zijn deze niet in een vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde rechtskracht als een besluit van de algemene ledenvergadering. 

  10.  Zo lang in een algemene ledenvergadering alle leden aanwezig zijn kunnen geldige besluiten genomen worden, mits met algemene stemmen, omtrent alle aan de orde komende onderwerpen, dus mede een voorstel tot statutenwijziging of tot ontbinding, ook al heeft geen oproeping plaatsgehad of is deze niet op de voorgeschreven wijze geschied of is enig voorschrift omtrent het oproepen en houden van vergaderingen of een daarmee verband houdende formaliteit niet in acht genomen.

 

GELDMIDDELEN

Artikel 21

De geldmiddelen van de vereniging bestaan uit de jaarlijks door de leden, de aspiranten en de donateurs te betalen bijdragen, alsmede uit de andere langs wettige weg verkregen baten. De geldmiddelen worden door de penningmeester beheerd, behalve als de algemene ledenvergadering anders bepaalt.

 

RECHTSPRAAK

Artikel 22

 

  1. Aan de rechtspraak van de vereniging zijn alle leden, aspiranten en andere aangeslotenen onderworpen.
  2. In het algemeen zal strafbaar zijn elk handelen of nalaten, dat in strijd is met de statuten, de reglementen en/of de besluiten van de algemene ledenvergadering of met de door het bestuur van toepassing verklaarde wedstrijdbepalingen, de spelregels daaronder begrepen, of dat de belangen van de vereniging schaadt.
  3. Bevoegd tot het opleggen van straffen zijn:
    1. het bestuur;
    2. een door de algemene ledenvergadering te benoemen arbitragecommissie.
    3. De competentie, samenstelling, bevoegdheden en werkwijze van de in het vorige lid bedoelde commissie alsmede de strafbaarstelling van overtredingen, de procesgang, de maximering van de straffen en de tenuitvoerlegging daarvan, worden in het huishoudelijk reglement beschreven en geregeld.

STATUTENWIJZIGING

Artikel 23

 

  1. In de statuten van de vereniging kan geen wijziging worden aangebracht anders dan door een besluit van de algemene ledenvergadering, waartoe is opgeroepen met de mededeling dat aldaar een wijziging van de statuten zal worden voorgesteld. Een voorstel tot wijziging van de statuten moet tenminste zes weken voor de vergadering van de algemene ledenvergadering, waarin behandeling wordt gevraagd, schriftelijk bij het bestuur zijn ingediend.
  2. Zij, die de oproep tot de vergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten tenminste vier weken voor de vergadering van de algemene ledenvergadering het van een toelichting voorziene voorstel, waarin de voorgestelde wijziging woordelijk is opgenomen, schriftelijk ter kennis brengen van de stemgerechtigde leden.
  3. Een besluit tot statutenwijziging behoeft tenminste tweederde van de geldig uitgebrachte stemmen in een vergadering van de algemene ledenvergadering waarin tenminste tweederde van het aantal stemgerechtigde leden op het moment van de stemming aanwezig is. Indien op het moment van de stemming niet tweederde van de stemgerechtigde leden aanwezig is, dan wordt binnen vier weken daarna een tweede vergadering bijeengeroepen en gehouden, waarin over het voorstel zoals dat in de vorige vergadering aan de orde is geweest, ongeacht het aantal aanwezige stemgerechtigde leden kan worden besloten, mits met een meerderheid van tenminste tweederde van de uitgebrachte geldige stemmen.
  4. De bepalingen van de statuten, die reeds op grond van een dwingende wetsbepaling van toepassing zijn, zijn niet voor wijziging vatbaar.
  5. Een wijziging van de statuten behoeft de goedkeuring van de Koninklijke Nederlandse Zwembond, zolang de vereniging lid is van de Koninklijke Nederlandse Zwembond.
  6. Een statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat hiervan een notariële akte is opgemaakt en een authentiek afschrift van de wijziging en de gewijzigde statuten zijn neergelegd ten kantore van het openbaar register, gehouden door de Kamer van Koophandel en Fabrieken binnen het gebied waar de vereniging gevestigd is. Tot het doen verlijden van deze akte is ieder lid van het bestuur bevoegd. Het bestuur is verplicht de statutenwijziging binnen twee weken na de inwerkingtreding bekend te maken aan alle leden.

 

ONTBINDING EN VEREFFENING

Artikel 24

 

  1. De vereniging kan ontbonden worden door een besluit van de vergadering van de algemene ledenvergadering. De procedure vermeld in de leden 1, 2 en 3 van het vorige artikel is van overeenkomstige toepassing.
  2. De vergadering, die tot ontbinding besluit, bepaalt tevens de wijze van afwikkeling, met dien verstande dat het bestuur met de vereffening zal zijn belast.
  3. Het batig saldo na vereffening wordt bestemd voor een doel door de algemene ledenvergadering aan te wijzen.
  4. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van deze statuten zover  mogelijk van kracht.
  5. Dit artikel kan niet gewijzigd worden zodra een voorstel tot ontbinding is gemaakt.

HUISHOUDELIJK REGLEMENT

Artikel 25

 

  1. De algemene ledenvergadering kan bij huishoudelijk reglement nadere regels geven omtrent het lidmaatschap, de introductie, het bedrag der contributies en entreegelden, de werkzaamheden van het bestuur, de vergaderingen, de wijze van uitoefening van het stemrecht, het beheer en gebruik van het gebouw der vereniging en alle verdere onderwerpen, waarvan de regeling haar gewenst voorkomt.
  2. Wijziging van het huishoudelijk reglement kan geschieden bij besluit van de algemene vergadering indien dit schriftelijk wordt verzocht door ten minste tien leden der vereniging of op voorstel van het bestuur.
  3. Het huishoudelijk reglement zal geen bepalingen mogen bevatten die afwijken van of die in strijd zijn met de bepalingen van de wet of van de statuten, tenzij de afwijking door de wet of de statuten wordt toegestaan.

 

SLOTBEPALING

Artikel 26

In alle gevallen, waarin de wet, de statuten of reglementen van de vereniging niet voorziet, beslist het bestuur.

 

INWERKINGTREDING

Artikel 27

Deze statuten treden in werking op de eerste dag volgende op de dag, waarop van de gewijzigde statuten een notariële akte is opgemaakt.

De Algemene Ledenvergadering van 19 december 1990 heeft tot deze statuten besloten, waarna op 21 december 1990 deze statuten in een notariële akte zijn vastgelegd.

De Algemene Ledenvergadering van 15 maart 1995 heeft besloten tot wijziging van de statuten, die daarna gewijzigd zijn opgenomen in de notariële akte van 27 juli 1995.